Tierra del Fuego – Vuurland

“Hola, hola… chico’s… ¿Quiero que los bananas?” Op het vliegveld worden we gewekt door een reizigster die een paar bananen kwijt wil. Een leuk begin van de dag die nog leuker wordt als we 3000 km zuidelijker voor de landing uit de wolken tevoorschijn komen. Het vliegtuigraampje biedt een betoverend uitzicht over het Beaglekanaal en Ushuaia, omgeven door besneeuwde bergtoppen. De zomerse temperaturen laten we achter ons, maar het onthaal is des te warmer als we meteen een ritje aangeboden krijgen van het vliegveld richting de stad en een klein hostel vinden waar moeder Marisa en dochter Ana de touwtjes in handen hebben. De twee zijn altijd druk in de weer, hebben altijd stress en zijn de hele dag nadrukkelijk aanwezig, maar als we elkaar beter leren kennen worden kosten nog moeite gespaard om ons verblijf zo gezellig en comfortabel mogelijk te maken.

Op advies van Ana kopen we een wandelkaart van de omgeving en worden ’s avonds uitgebreid geinformeerd over de mogelijke tochten die we kunnen maken. De volgende drie dagen brengen we door in het Parque National Tierra del Fuego. Vanaf de ingang van het park beklimmen we de Cerro Pampa Alta voor een spectaculair uitzicht over Vuurland en het Beaglekanaal. Na bijna tien uur lopen bereiken we de kampeerplek in het hart van het park. We verhuizen onze tent later op de avond naar een ander plekje zodat we de volgende ochtend getrakteerd worden op een mooie zonsopkomst. Op die manier beginnen we na een ontbijt van Nido poedermelk en muesli gemotiveerd aan de wandeling langs Lago Roca totdat grenspaal Hito I-XXIV ons vertelt dat we de Chileense grens bereikt hebben. De laatste dag lopen we terug naar Ushuaia en worden net iets minder warm onthaald dan verwacht: er is een gasleiding stuk dus de verwarming, het fornuis en de warme douche laten op zich wachten. Na een nachtje bij Marisa en Ana staat een tweedaagse wandeling naar Laguna del Caminante en de Paso de la Oveja op het programma. De pas zou misschien nog te besneeuwd zijn om over te steken en als we het startpunt van de route bereiken blijkt het wandelpad nog niet officieel geopend voor het seizoen. We besluiten toch een poging te wagen, aangezien omdraaien altijd nog een optie is. Tegen vier uur bereiken we de top van een aantal watervallen en zitten we boven de boomgrens. Als een uur later de Laguna del Caminante in zicht komt verschijnt er een tevreden lach op onze gezichten. De beklimming zit erop en we brengen de nacht door op een mooi plekje aan het bergmeer. De Paso de la Oveja blijkt inderdaad nog behoorlijk besneeuwd, maar de sneeuwvelden zijn niet erg stijl en we zakken net ver genoeg in de sneeuw om er stabiel doorheen te kunnen lopen. Als tegen het einde van de dag Ushuaia weer in zicht komt hebben we de afgelopen vijf dagen veertig uur gelopen en belonen we onszelf met een avondje uiteten mét argentijnse wijn.

Na al het gewandel wacht ons een bezoek aan de pinguïnkolonies op Isla Martillo en een boottocht door het Beaglekanaal. Er worden per dag maar tachtig bezoekers toegelaten op het kleine eiland, dus we zijn maar wat blij nog een plekje te kunnen bemachtigen. De tour begint met een bezoek aan Estancia Haberton, een ranch van groot historisch belang voor de regio die tevens onderdak biedt aan een museum over het onderwaterleven in Patagonië. Met een klein motorbootje varen we vervolgens naar het eiland om de magelhaen- en de ezelspinguïn van dichtbij te bekijken. De beesten lijken überhaupt niet onder de indruk van het bezoek en waggelen bijna over onze voeten. Naast de twee eerdergenoemde soorten is er vandaag ook een koningspinguïn aanwezig op het eiland! De pinguïns maken er werk van om alle clichés te vervullen, dus de trip is voor ons al geslaagd. Per boot zetten we drie uur lang koers westwaarts richting Ushuaia en varen langs de Eclaireurs vuurtoren en kleine eilandjes met zeeleeuwencolonies om uiteindelijk een laatste nachtje bij Marisa en Ana te logeren.

Om Ushuaia te verlaten en belangrijker nog, Porvenir te bereiken, vissen we een stuk karton uit de vuilnisbak en lenen een stift bij de bakker. Aangezien Porvenir geen logische eindbestemming is besluiten we Río Gallegos op het bordje te schrijven om aan te geven welke richting we op willen. Aan de rand van Ushuaia blijken we niet de enige lifters en wachten we een poosje op een rit. Eerst naar Tolhuin in een klein autootje van een jonge vrouw, daarna tot Río Grande in de pick-up van een oudere man die twee uur onafgebroken praat en ondertussen regelmatig vergeet het gaspedaal in te drukken en tot slot van de dag een vrachtwagen tot San Sebastian, de afgelegen Argentijnse grenspost. Voor vandaag hebben we ons doel bereikt en we vragen of we ons tentje achter het tankstation en restaurant van de Automóvil Club Argentino mogen neerzetten. De volgende ochtend rijden we in de laadbak van een pick-up mee tot de Chileense douane. De twee appels in onze rugzak mogen het land niet in, wij gelukkig wel. Maar na een paar uur wachten en een handje vol voertuigen die de grens oversteken geven we de hoop op een ritje naar Porvenir op en besluiten genoegen te nemen met een ietwat gebruikelijkere rit richting het noorden. En precies op dat moment stopt er een auto die ons mee wil nemen. Naar Porvenir nog wel. Twee dagen, vijf ritten en 437 km later bereiken we ons doel: Het kleine vissersstadje Porvenir aan de oever van de Straat van Magellan.

4 thoughts on “Tierra del Fuego – Vuurland

  1. Wat weer een bijzonder reisverslag.Er zitten al heel wat km ’s in jullie benen. Geen klagen, geoefende wandelaars en wereldreizigers.Top om jullie verslagen te lezen en te volgen op de kaart
    Veel plezier nog en we zijn benieuwd hoe jullie oud op nieuw doorbrengen!!!
    Veel liefs uit Vaals

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *